ETHIEK

VOORDAT WE BEGINNEN

Schrijf vijf dingen op die bij je opkomen als je denkt aan ‘ethiek’.

6.1 A EEN BRIEF VAN IRIS: HET HEBBEN VAN EEN ETHISCH LEVEN

Hallo! Mijn naam is Iris. Ethiek vormt de basis van mijn dagelijks gedrag en mijn oriëntatie op de wereld. Het woord “ethiek” komt van het Griekse woord “ēthikós” of “êthos” en verwijst naar ons morele karakter, dat wil zeggen naar de personen die we zijn of willen zijn. Ethiek onderzoekt welke dingen waardevol, belangrijk en zinvol zijn. En het geeft mij aanwijzingen over hoe ik moet handelen en mij moet gedragen. Het is een deel van mijn dagelijks leven.

Wanneer ik met mijn vrienden en schoolgenoten ben, probeer ik iedereen te behandelen zoals ik door hen behandeld zou willen worden. Dit is heel logisch, toch? Ik heb in een les ethiek geleerd dat dit de gouden regel wordt genoemd en dat die al heel oud is en in alle culturen voorkomt. Het betekent respect tonen voor anderen en zorg dragen voor elkaar. In mijn klas hebben we ook een ethische code opgeschreven waar ik hard aan heb meegewerkt en die ik met enthousiasme volg. Het verenigt ons als klas en het is belangrijk dat ieder van ons deze code aanvaardt. Ik probeer altijd eerlijk en zorgzaam te zijn en goed samen te werken. Ik streef er ook naar om wetten en regels na te leven en mezelf te verbeteren.

Als ik met mijn vrienden voetbal, willen we allemaal eerlijk spelen. Natuurlijk zijn er voetbalregels. Maar deze regels zijn niet genoeg voor een spel waar iedereen plezier aan beleeft. Fair play of sportiviteit betekent respect tonen voor anderen in het spel, samenwerking en kameraadschap, een teamgeest hebben en niet gericht zijn op het winnen om te winnen of om de kant die verliest belachelijk maken. Je moet het spel eerlijk spelen. Het is niet genoeg om alleen de spelregels of de beslissingen van de scheidsrechters te volgen. Ik vind het niet leuk als iemand vals speelt of een overtreding begaat en de scheidsrechter dat niet ziet. Wat belangrijk is, is dat we elkaar de hand schudden aan het einde van elke wedstrijd.

Eerlijkheid is niet alleen belangrijk in de sport, maar is ook de basis van hoe wij als maatschappij samenleven. Dit noemen we rechtvaardigheid. De instellingen en praktijken die we delen, moeten rechtvaardig zijn. Een rechtbank, bijvoorbeeld, moet iedereen gelijk behandelen, omdat wij allemaal gelijk zijn voor de wet. Deze gedachte komt uit de Chinese traditie en de Atheense democratische traditie. In de huidige tijd is het meestal een onderdeel van de grondwet of het juridische basisdocument van een staat. Daarin staan de meest fundamentele rechten van iedere burger. Mensenrechten houden verband met wat waardigheid wordt genoemd. Waardigheid is een fundamentele waarde van een individu en het absolute statuut dat aan alle mensen toebehoort. De waardigheid van ieder individu beschermt tegen inmenging en alle vormen van onwaardige behandeling, zoals bijvoorbeeld marteling en vernedering. En het spreekt zich uit tegen menselijke omstandigheden zoals slavernij en extreme armoede. Vorige maand hebben we op school geleerd over de kinderrechten die opgeschreven zijn in het Verdrag inzake de rechten van het kind. We maakten grote, kleurrijke posters en beschreven elk recht in onze eigen woorden. Ik had als taak om het recht op voedsel, kleding en een veilig thuis voor te stellen. Veel kinderen hebben geen toegang tot zo’n basisvoorzieningen en het is onze plicht te proberen hen te helpen. Ik las enkele van hun verhalen. De moeilijkheden waarmee zij te kampen hebben en de omstandigheden waarin zij leven, maakten mij verdrietig en boos. Onze maatschappij hier leeft in welvaart en dus nemen we sommige dingen als vanzelfsprekend. Mijn grootmoeder is een gepensioneerde theateractrice en zij groeide op in grote armoede. Onze familie besloot daarom een toneelstuk te organiseren en op te voeren in het plaatselijke park. Het ingezamelde geld ging naar een liefdadigheidsorganisatie die hongersnood wil uitbannen. Ik vergat een paar lijnen van mijn tekst, maar we hebben er allemaal om gelachen. We deelden ook folders uit in de hele stad over hoe je kan geven. Alle leden van mijn familie hebben daarbij geholpen en we hebben ook enkele nieuwe vrienden gemaakt in onze buurt

Mijn moeder is arts en onderzoeker. Ze vertelde mij dat ze de toestemming van een ethische commissie nodig heeft elke keer als ze een ziekte wil bestuderen. Dat is belangrijk omdat zo’n commissie er is voor de bescherming van de meest kwetsbaren en om hun rechten te bewaken. In mijn scoutsgroep hebben we een soortgelijke commissie. Op vergaderingen beslissen we soms hoe we geschillen moeten oplossen en of iemand verkeerd heeft gehandeld, op een manier die in strijd is met zijn moed, edelmoedigheid en zorgzaamheid. We houden dan een stemming en elke stem is evenwaardig, ook al zijn sommige leiders ouder en meer ervaren. Het is altijd belangrijk om te stemmen en te beslissen wat jij denkt dat goed is.

Ik hou van feestdagen, vooral van Kerstmis en Nieuwjaar. De hele familie komt dan samen en we genieten van een gezamenlijke maaltijd, spelen spelletjes en vertellen verhalen. We wisselen ook cadeaus uit. Mijn grootvader vertelt altijd hoe geven en ontvangen de meest universele bezigheid is en hoe belangrijk het is dat we nederig, vrijgevig en dankbaar zijn. Het is een soort ritueel. Het verstevigt de band met familie en vrienden. Ik ben dan het meest dankbaar dat de hele familie samen is.

I like holidays, especially Christmas and New Year season holidays. All the family comes together and we enjoy a shared meal, play games and tell stories. We exchange gifts. My grandfather always tells how giving and receiving is the most universal activity and how it is important that we are humble, generous and thankful. It is a ritual of a sort. And it is a bond with family and friends. I am most thankful that the whole family is together.

Waar ik op school het meest naar uitkijk, is de natuur- en milieuweek ter ere van Charles Darwin. We pakken onze spullen in en gaan ergens kamperen, we leren over de natuur om ons heen en het belang ervan. Vorig jaar kampeerden we aan de oever van een rivier en elke dag hebben we uren gelopen om wat afval van de rivier en de omgeving op te rapen. Aan het eind hadden we meer dan een ton afval verzameld. De omgeving van de rivier zag er toen heel anders uit, mooier en gezonder. We zagen vissen, bijen, vlinders, libellen, schildpadden en zelfs otters. Op de laatste dag schreven we samen een handvest van dierenrechten. We schreven op wat ze van ons zouden verwachten en hoe de natuur voor toekomstige generaties behouden kan blijven.

Ik kan nu samenvatten wat volgens mij het belangrijkste is voor het leiden van een ethisch leven. Ethiek is niet alleen het volgen van gewoonten of de wet. Het gaat ook niet alleen om het volgen van je gevoelens. Iets is niet goed of juist alleen omdat we het mooi vinden, en als we iets afkeuren, betekent dat niet dat het verkeerd is. Ethiek betekent zorgvuldig nadenken over wat goed en wat fout is en daarnaar handelen. Ethiek gaat verder dan ons als mensen. Het houdt ook rekening met andere medemensen en met de hele aarde als geheel, niet alleen omdat zij ons leven in stand houdt, maar ook omdat zij waardevol is op zichzelf.

6.2 WAT IS ETHIEK?

6.2.1 INLEIDING

Terwijl je de volgende pagina’s leest en de opdrachten uitvoert die ze bevatten, zul je kennis maken met het gebied van de ethiek. Ethiek zal op vier manieren worden gepresenteerd. Ten eerste kijken we naar de definitie van ethiek en wat daaronder valt. Ten tweede worden ethische basisbegrippen en de bijbehorende elementen van ethisch denken gepresenteerd. In het derde deel maak je kennis met enkele denkers die het begrip van de ethiek hebben verrijkt, en krijg je te zien hoe ze de ethische basisbegrippen hebben gebruikt en ontwikkeld. Ten slotte bevat het hoofdstuk de tekst van het scenario uit de videopresentatie over ethiek, waarin je nog eens kunt nalezen hoe ethiek in ons dagelijks leven een rol speelt. Er zijn in totaal vijf opdrachten die je moet maken.

6.2.2 WAT IS ETHIEK?

De term “ethiek” komt van het Griekse woord “ēthikós” of “êthos” en verwijst naar ons moreel karakter, d.w.z. naar de personen die wij zijn of die wij willen zijn. Ethiek houdt zich onder andere bezig met vragen over wat goed is, wat we zouden moeten doen, hoe onze daden anderen beïnvloeden en waarom dat belangrijk is, wie en wat (bijv. de natuur) door onze daden wordt beïnvloed en hoe we het verschil kunnen zien tussen goed en kwaad. Ethiek is het deel van de filosofie dat zich bezighoudt met goed en kwaad. Moraliteit is een ander woord voor ethiek en we gebruiken deze term als we zeggen dat iemand iets moreel juist of moreel goed heeft gedaan. Ethiek vormt de basis van onze relatie met de wereld om ons heen en met onszelf. Het stelt ons in staat samen te leven. Leren over ethiek kan dus ook worden opgevat als leren vreedzaam samen te leven. Het omvat dus ook leren over elkaar. Ethiek is de basis voor het vormen van respectvolle, zorgzame en liefdevolle relaties. Hoewel ethiek ethische beginselen en regels probeert te formuleren, is ethiek niet eenvoudigweg het gehoorzamen aan bepaalde regels, gewoonten of de wet. Ook gaat het niet alleen om het volgen van je gevoelens. Iets is niet goed of correct alleen omdat we het fijn vinden, en als we iets afkeuren, betekent dat niet dat het verkeerd is. Ethiek houdt altijd in dat je kritisch en zorgvuldig nadenkt over wat goed en wat fout is, en pas dan volgens dat oordeel handelt.

Het benadrukt op het bouwen van ons karakter. Ieder van ons is uniek en heeft zijn eigen persoonlijke kenmerken, manieren van denken en voelen. Dit wordt weerspiegeld in wat we doen, in onze daden. Daarom is het belangrijk om ons karakter te vormen.

Ethiek is dus een gezamenlijke inspanning van ons allen om de gemeenschappelijke menselijkheid te bewaren. Onze gemeenschappelijke menselijkheid en de menselijke waardigheid vormen ook de basis voor de mensenrechten, die voor elk mens gelden. Maar ethiek reikt verder dan de mensheid en betekent ook rekening houden met andere levende wezens. Het gaat ook over de aarde als geheel, niet alleen omdat zij ons leven in stand houdt, maar ook omdat zij waardevol is in zichzelf. Denk eens aan het volgende voorbeeld over dieren. De zogenaamde dierenethiek houdt zich bezig met vragen over de morele status van dieren en onze omgang met hen, bijvoorbeeld over de vraag of het moreel geoorloofd is om dieren in zeer afgesloten ruimten te houden en om ze te houden als vlees voor voedsel. Dierenethiek onderzoekt de menselijke praktijken waarbij dieren betrokken zijn en of het nodig is om ze te veranderen. Een mogelijke reden om dingen te veranderen zou bijvo

6.3 ETHISCHE BASISBEGRIPPEN

In this section, several basic ethical concepts will be presented. There are also assignments for you to complete.

6.3.1 GOED, SLECHT, EN WAARDEN

De begrippen “goed” en “slecht” worden meestal gebruikt wanneer wij dingen en situaties of personen en hun karakter beoordelen. Dergelijke beoordelingen vormen de kern van de ethiek, omdat zij bepalen waar we ons op moet richten: wat we moeten nastreven en wat we moeten vermijden of voorkomen. Wanneer wij zeggen dat iets goed of slecht is, kennen wij daar een waarde aan toe. In de ethiek is er een belangrijk verschil tussen dingen die op zichzelf goed zijn (dingen die intrinsiek waardevol zijn) en dingen die louter instrumenteel goed zijn. Dingen die instrumenteel goed zijn, hebben slechts waarde als instrument of middel om iets te bereiken dat intrinsiek waardevol is. Geld is bijvoorbeeld slechts instrumenteel waardevol, terwijl het plezier van het luisteren naar een liedje of van een ritje in een achtbaan intrinsiek waardevol is. We moeten altijd voorzichtig zijn bij het beoordelen van wat werkelijk waardevol is. De Griekse filosoof Aristoteles beweerde dat geluk de ultieme waarde is waarnaar alle mensen streven. Een ander belangrijk aspect in het spreken over wat goed is of waarde heeft, is de notie van een algemeen of sociaal belang, omdat mensen sociale wezens zijn en wij in gemeenschappen leven. Het algemeen belang overstijgt de som van de belangen van elk individu in de samenleving en betreft voordelen voor de samenleving als geheel. Een praktisch voorbeeld hiervan zijn voorzieningen zoals openbare parken, gezondheidszorgsystemen, of een schoon milieu
Waarden zijn die zaken die een individu of een samenleving als doel of richtlijn stelt voor het leven (b.v. welzijn, gezondheid, kennis, deugd, vrijheid, veiligheid). We streven ernaar om deze waarden te verwezenlijken. Fundamentele waarden van de ethiek zijn elementen die belangrijk zijn voor het menselijk leven, de menselijke waardigheid en het behoud van de gemeenschappelijke menselijkheid.

6.3.2 OPDRACHT 1

Deel 1: Denk na over wat je echt belangrijk vindt in je leven, dat wil zeggen, welke waarden voor jou belangrijk zijn. Schrijf op waar je aan denkt en rangschik deze waarden vervolgens door ze in onderstaande piramide te plaatsen, waarbij de belangrijkste waarde bovenaan staat. Het kan moeilijk zijn om een beslissing te nemen over sommige van deze waarden, maar probeer het gewoon eens.

6.3.3 GOED, FOUT, EN PLICHT

Wanneer we nadenken over het ethische statuut van handelingen, gebruiken we de termen goed en fout. We zeggen dan dat wat iemand deed goed was of dat een bepaalde handeling fout was. Wij gebruiken deze termen om handelingen te evalueren. Handelingen die juist zijn en die wij verplicht zijn om uit te voeren, worden plichten genoemd. Een bepaalde plicht hebben betekent, in de meest directe zin, gebonden zijn door een bindende ethische eis. Soms kan het gebeuren dat we meer dan één plicht hebben. Als we geen duidelijk antwoord hebben op de vraag wat we moeten doen, d.w.z. welke plicht belangrijker is, staan we voor een moreel dilemma. Ethisch zijn is niet altijd eenvoudig. Wat ons kan helpen zijn ethische principes en regels. Ethische principes zijn meestal algemener (bijv. “Respecteer de vrijheid, autonomie en gelijkheid van mensen”), en morele regels zijn specifieker (bijv. “Lieg niet”). Beide helpen ons te bepalen wat goed en fout is en te beslissen wat we in een bepaalde situatie moeten doen.

6.3.4 DEUGDEN, ONDEUGDEN EN IDEALEN

Deugden zijn moreel waardevolle eigenschappen van onze karakters, dat wil zeggen, van ons als personen. Zo worden bijvoorbeeld eerlijkheid, vriendelijkheid, medeleven, beleefdheid, vrijgevigheid en moed gewoonlijk als deugden beschouwd. Het tegenovergestelde van deugden zijn gebreken of ondeugden, zoals arrogantie, lafheid, hebzucht, luiheid, narcisme, afgunst en ijdelheid. Deugden en ondeugden zijn deel van ons karakter, in het bijzonder die onderdelen waar we enige controle over hebben. We kunnen deugden cultiveren en ondeugden proberen kwijt te raken. Deugden worden gevormd door morele opvoeding. Aangezien er geen specifieke lijst van regels of instructies bestaat over hoe deugdzaam te zijn en zich deugdzaam te gedragen, is het vaak zo dat we kunnen beginnen met het voorbeeld te volgen van een rolmodel. Rolmodellen (echte personen of zelfs fictieve) helpen ons om te zien wat voor personen we willen zijn. Daarnaast helpen ze ons als we proberen om zulke personen te worden. In die zin vertegenwoordigen rolmodellen idealen. Een ideaal is een zekere perfectie of een model van uitmuntendheid dat ons helpt ethisch te denken en te handelen. Een ideaal kan ook een breder model zijn. Zo kunnen we bedenken hoe een ideale samenleving eruit zou zien, bijvoorbeeld een samenleving die volledig wordt geregeerd door rechtvaardigheid, respect, zorg en duurzaamheid.

6.3.5 OPDRACHT 2

Bedenk wie voor jou een rolmodel is of zou kunnen zijn om ethischer en deugdzamer te gaan leven. Schrijf ten minste vijf personen op in de onderstaande vakken. Geef voor elk rolmodel de redenen voor je keuze.

Rolemodel

Reden(en)

1.

2.

3.

4.

5.

6.3.5 WAARDIGHEID EN MENSENRECHTEN

Waardigheid is een fundamentele, intrinsieke en onvervreemdbare waarde die alle mensen hebben op grond van hun mens-zijn. Waardigheid wordt vaak beschouwd als de basis voor de basis- en mensenrechten van elk individu. Waardigheid wordt daarom geassocieerd met een onvervreemdbare status die aan alle mensen toebehoort, ongeacht hun eigenschappen en omstandigheden. De waardigheid van ieder individu beschermt tegen inmenging of vormen van ongepaste behandeling die de waardigheid zouden aantasten (bijv. vernederende behandeling, marteling, enz.) of mensonwaardige situaties waarin een persoon zich zou kunnen bevinden (bijv. extreme armoede, slavernij, enz.). Menselijke waardigheid wordt in de moderne wereld vaak opgevat als een beschaafde en ethische basis van rechtsnormen en in het bijzonder van mensenrechten (zoals recht op leven en vrijheid, recht op privacy, recht op een eerlijk proces, vrijheid van godsdienst, enz.). Waardigheid is ook een algemeen begrip in zeer belangrijke juridische documenten. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (VN 1948) begint met de volgende verklaring: “Overwegende, dat erkenning van de inherente waardigheid en van de gelijke en onvervreemdbare rechten van alle leden van de mensengemeenschap grondslag is voor de vrijheid, gerechtigheid en vrede in de wereld.” In artikel 1 staat: “Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.” Kinderen worden beschermd door de Verklaring van de Rechten van het Kind (1959) en het Verdrag inzake de Rechten van het Kind (1989). Deze verdragen erkennen dat kinderen en kinderjaren recht hebben op bijzondere zorg en bijstand.

6.4 FILOSOFEN

In de loop van de geschiedenis hebben verschillende filosofen en andere denkers ons begrip van de ethiek in belangrijke mate verrijkt. In dit gedeelte maak je kennis met enkele van hen en hun ideeën.
Socrates, een Griekse filosoof uit het oude Athene, is beroemd om zijn woorden “Het niet-onderzochte leven is het niet waard om te leven.” Socrates benadrukte dat ethisch-zijn niet alleen betekent dat men de wetten of gewoonten volgt, maar dat men moet nadenken en nadenken over wat juist is. Men moet ook conventies uitdagen. Socrates stond erom bekend dat hij door de straten van Athene wandelde, verschillende kwesties met omstanders besprak en hun opvattingen uitdaagde. Het is belangrijk te luisteren naar de stem van ons moreel geweten, naar wat we werkelijk juist achten. Door dit te doen bevorderen we ook ons eigen geluk.

6.4.1 OPDRACHT 3

Schrijf in de ruimte hieronder hoe je de bewering “Het niet-onderzochte leven is het niet waard om te leven” opvat of hoe je dit interpreteert.

De opvolgers van Socrates, Plato en Aristoteles, zagen ethiek als iets dat verband hield met deugden of ons karakter, bijv. dat we rechtvaardig, moedig, nederig en gematigd zijn. Plato verwierp de bewering dat ethiek relatief is of gedicteerd wordt door de machtigen. Ethiek is objectief, dat wil zeggen onafhankelijk van bepaalde belangen of verlangens. Hij besprak een beroemde legende over de ring van Gyges. Gyges had een bijzondere ring, die de drager onzichtbaar maakte. Anderen stelden tegenover Plato dat ieder die in het bezit zou zijn van zo’n ring zich niet ethisch zou gedragen, omdat men met alles weg zou kunnen komen. Plato beweerde dat de persoon die werkelijk ethisch is en werkelijk weet wat goed is, de ring niet zou misbruiken. Aristoteles is beroemd om zijn leer van de gulden middenweg. Deugd is voor hem het midden tussen twee tegengestelde uitersten, bijv. moed is het midden tussen lafheid en overmoedigheid, en vrijgevigheid is het midden tussen gierigheid en verkwisting. Om ethisch te leven moet men deugdzaam leven, en de beste manier om zo iemand te worden is door onderwijs en door rolmodellen na te volgen.

Laten we nu een paar eeuwen vooruitspringen naar het tijdperk van de Verlichting. Immanuel Kant was een Duits filosoof die bekend stond als zeer punctueel. Elke dag om 15.30 uur zag men hem een wandeling maken, zeven keer op en neer over de Lindendreef in de Pruisische stad Königsberg. Kant legde de nadruk op de universaliteit van de ethiek. Dit betekent dat de morele wet op ons allemaal op dezelfde manier van toepassing is. Hij stelde het volgende ethische principe voor: “handel altijd op een manier die je tegelijkertijd kunt opvatten als een universele wet.” In praktische termen betekent dit dat je moet handelen op een manier waarvan je ook verwacht dat anderen zich tegenover jou gedragen. Als je bijvoorbeeld een belofte doet met de bedoeling die alleen na te komen als dat in jouw belang is, dan handel je niet ethisch. Als iedereen op deze manier zou handelen, zou dat de praktijk van het beloven ondermijnen.

Kant benadrukte ook het belang van menselijke waardigheid en volle menselijkheid. Een andere variant van zijn hoogste morele principe stelt dat we de menselijkheid van de ander of van onszelf niet louter als een middel (dus voor onze eigen doelen of doeleinden) mogen behandelen, maar altijd ook als een doel op zich. Dit betekent dat wij anderen moeten beschouwen als gelijkwaardige menselijke wezens die op grond van hun mens-zijn een zeker respect verdienen. Wanneer wij bijvoorbeeld aan iemand een belofte doen zonder dat we die eigenlijk willen nakomen, behandelen wij de ander enkel als een middel

6.4.2 OPDRACHT 4

Waardigheid is een belangrijk ethisch concept dat de grondslag vormt voor de mensenrechten. De Verenigde Naties hebben ook het Verdrag inzake de rechten van het kind aanvaard. In de animatiefilm werd uitgelegd dat een kind recht heeft op een speciale behandeling (rechten). Schrijf op hoe je ziet dat de rechten van het kind verband houden met waardigheid.

Het recht op leven en ontwikkeling

Het recht op een naam en een nationaliteit

Het recht op onderwijs

Het recht op welzijn

Het recht op vrijheid van mening en meningsuiting

Het recht op de bescherming van uw privacy

Kort na Kant richtte John Stuart Mill zich op geluk of welzijn als de belangrijkste waarde. Voor Mill kan geluk of welzijn ruwweg worden opgevat als het overschot van plezier ten opzichte van pijn. Zijn theorie heet utilitarisme en stelt dat we ethisch handelen wanneer onze handelingen het meeste goed of de meeste waarde opleveren. Zijn voorganger Jeremy Bentham gebruikte dit ethische kader om een meer humane behandeling van dieren te verdedigen. Hij zei dat niet het feit dat dieren niet kunnen praten of redeneren belangrijk is, maar wel dat ze pijn en lijden kunnen voelen. In het licht daarvan mogen we geen handelingen verrichten die hen onnodige pijn en lijden bezorgen. Vanuit ethisch perspectief telt dan het welzijn van mensen en ook van dieren, voor zover zij pijn en plezier kunnen voelen.

6.4.3 OPDRACHT 5

Ben je het ermee eens dat dieren het verdienen om behandeld te worden op een manier die rekening houdt met hun pijn en lijden? Bedenk ten minste drie manieren waarop wij als samenleving het lijden van dieren zouden kunnen verminderen.

We eindigen onze reis door de geschiedenis van de ethiek in de 20e eeuw met de filosofe en romanschrijfster Iris Murdoch. Zij benadrukte dat een beter mens worden begint met te kijken in het licht van de idee van het goede. Dit betekent dat je personen of situaties rechtvaardig, nederig en liefdevol moet beschouwen, omdat de waarneming de daden bepaalt. Als je bijvoorbeeld iemand die anders is dan jij als gevaarlijk of vreemd beschouwt vanwege een angst die je voelt, kan dit ertoe leiden dat je deze persoon op een onethische manier behandelt.

WOORDENLIJST

Categorisch Imperatief: een hoogste beginsel van moraliteit volgens Kant. Het vereist dat we alleen handelen op manieren die als algemene regels voor iedereen kunnen worden aanvaard, en dat we mensen met respect behandelen.

Deontologie/deontologische ethiek: een ethische theorie die het begrip plicht als fundamenteel ethisch concept hanteert.

Deugden en ondeugden: een deugd is een prijzenswaardige karaktereigenschap van een persoon zoals moed, welwillendheid, liefdadigheid en nederigheid. Ondeugden zijn daarentegen slechte karaktereigenschappen van een persoon, zoals oneerlijkheid, lafheid, ijdelheid, wreedheid, chauvinisme, enz.

Ethiek: een systeem van waarden, principes, deugden en idealen die ons leven vormgeven en de basis bepalen voor de relaties die wij aangaan met anderen, met onszelf en met de wereld.

Mensenrechten: basisrechten die elk menselijk individu (of een groep individuen) toekomen enkel en alleen op grond van het feit dat de persoon een mens is. Zij beschermen de fundamentele belangen van mensen en waarborgen de mogelijkheid om een goed en zinvol leven te leiden (bijv. recht op leven en vrijheid, recht op privacy, recht op een eerlijk proces, vrijheid van godsdienst, enz.)

Moreel principe/regel: een uitspraak die bepaalt welke handelingen goed zijn (bijv. “wees respectvol”) of fout (bijv. “steel niet”) of welke dingen goed zijn (bijv. “kennis is waardevol”) of slecht (bijv. “lijden is slecht”). Plicht: een handeling die moreel vereist is, dus de handeling die we zouden moeten doen.

Utilitarisme: een morele theorie die stelt dat de juiste handeling (of onze plicht) de handeling is die het meeste nut of de meeste waarde oplevert, dat wil zeggen de handeling die de beste gevolgen heeft voor het geluk en het welzijn van mensen.

Waarde: datgene wat staat voor de goedheid en slechtheid van dingen (bijv. geluk is goed en pijn is slecht), personen (bijv. Irena Sendler, een verpleegster die honderden Joden, meestal vrouwen en kinderen, redde uit handen van nazi’s, was een goed mens en Adolf Hitler was een slecht mens) of aspecten van iemands karakter (bijv. eerlijkheid is goed en lafheid is slecht).

Waarden: zijn belangrijke, diepgewortelde, doorgedrongen en duurzame overtuigingen, houdingen, idealen en gehechtheden die gewoonlijk door de leden van een bepaalde gemeenschap worden gedeeld en betrekking hebben op wat goed of slecht is (b.v. vrijheid, schoonheid, autonomie, vriendschap, creativiteit, liefde, wijsheid, enz.)

Waardigheid: de fundamentele en onvervreemdbare waarde die alle mensen hebben op grond van hun menszijn. Zij wordt vaak beschouwd als de grondslag voor de fundamentele rechten en mensenrechten van elk individu.